‘De gemeente heeft toegewerkt naar een nog armer Noord’

June 5, 2020
|

Opiniestuk Het Parool, 5 juni 2020

Het IJplein in Noord wordt voorgedragen als beschermd stadsgezicht, meldde Het Parool van 15 april. Een beschermde status lijkt mij een overdreven eerbetoon. Zeker, het repeterende modernisme van de vierkante blokken is fascinerend. De brede zichtlijnen tussen de stroken pakken in het pastelkleurige kubuswijkje goed uit. Het Oeverpark bij de Gedempte Insteekhaven is een mooie vondst. Maar er is ook het nodige op het IJplein aan te merken. De betonstuuk is grauw en gevoelig voor vuilaanslag. Het Oeverpark laat geen visueel contact toe met het IJ, omdat een overbodige dijkje het zicht blokkeert. Het grasland van de Gedempte Insteekhaven wordt al dertig jaar ontsierd door houten noodgebouwtjes. Maar oké, het westelijke deel van het IJplein heeft stedenbouwkundige kwaliteit.

Dat kun je niet zeggen van het oostelijk deel, dat bijna twee derde van de IJpleinbuurt omvat. Tussen Meeuwenlaan en Noordwal staan zo’n twintig stroken dicht op elkaar. Omdat ze dwars op het IJ staan, kijkt elke bewoner bij de overbuur naar binnen, terwijl vrijwel niemand het IJ ziet. Het laatste, iets hogere blok aan de Motorwal keert een halfblinde gevel naar het lonkende water. Het IJ meet hier een majestueuze 300 meter, maar de blokjes zijn minder dan tien meter hoog. Contextloos, petit en onaanzienlijk.

Mag het hoge woord er een keer uit: dit wijkje op deze A-locatie is architectonisch een mislukking.

Kantoren
Voorstanders van de beschermde status roemen het IJplein als de laatste buurt met honderd procent sociale huurwoningen. Maar past juist op dit punt niet een serieuze kritisch noot? Amsterdam bouwde het IJplein in de jaren tachtig, toen meer dan bekend was dat Noord zich had ontwikkeld tot een problematisch en verarmd stadsdeel. De Vogelbuurt en Van der Pekbuurt hoorden in de jaren zeventig al tot de armste van Nederland. Toch bouwde de stad precies bij deze achterstandswijken de grootste sociale nieuwbouwwijk van die jaren.

Het kan geen verbazing wekken dat de IJpleinbuurt in no time afgleed tot een achterbuurt waar werkloosheid, burengerucht, drugs- en alcohol­problematiek welig tierden. In exact dezelfde periode als het IJplein bouwde de stad in Zuid het World Trade Center. Het eerste gebouw van een kantorengebied dat uitgroeide tot de Zuid­as. Hier was genoeg ruimte voor drie keer het IJplein, maar men bouwde in het rijke Zuid ­liever kantoren – en later luxe appartementen – dan sociale huur. Later werd aldaar met goedkeuring van de gemeente het laatste restant van de sociale huurvoorraad verkocht. Gevolgen: een nog rijker Zuid en een nog armer Noord.

Het verbaast mij dat het IJplein nooit aan een kritische nabeschouwing is onderworpen. In de eerste helft van de twintigste eeuw kon je het concentreren van woonscholen, ‘asodorpen’ en arbeiderswijken boven het IJ nog beschouwen als naïviteit, maar in de jaren tachtig was het uitbouwen van dit armoede-eiland verwijtbaar wanbeleid. De gemeente heeft systematisch, willens en wetens, toegewerkt naar een nog armer Noord. Hetzelfde geldt trouwens ook voor Zuidoost en Nieuw-West. Dit laatste is helder vastgelegd in de rapportage Ontwikkelbuurten 2019, die de gemeente dit voorjaar publiceerde.

Tweedeling
Ja, het is een tot op de dag van vandaag onbenoemd, maar pijnlijk dossier uit de recente geschiedenis van Amsterdam: de tweedeling tussen arme en rijke stadsdelen is niet organisch gegroeid, maar door de gemeente georganiseerd. Op volle kracht voerde de gemeente woningbeleid dat uitmondde in tweedeling. Dat segregatiebeleid gaat, in getemperde mate, tot op de dag van vandaag door. In Noord is de laatste jaren een enorme nieuwbouwproductie van sociale huurwoningen, terwijl in de rijke wijken relatief veel luxe appartementen­complexen verrijzen. Een gemeente die tweedeling wil tegengaan, bouwt sociale huur­woningen vooral in de rijke stukjes stad.

Ten onrechte is de gemeente nooit ter verantwoording geroepen voor de tweedeling. Wat mij betreft komt er dan ook een raadsenquête. De enquêtecommissie onderzoekt de rol die de gemeentelijke stedenbouw speelt bij de totstandkoming en instandhouding van rijke en arme buurten. Laten we het IJplein niet op een voetstuk zetten, maar zien als de climax van een eeuw lang Amsterdamse woonsegregatie.